woensdag 27 mei 2009
Nog één nachtje thuis slapen…
Vroeger vanavond kregen we in een mooie mis de pelgrimszegen van pastoor Terranea en de eerste stempel in ons credencial. Er waren meer mensen in de kapel dan bij een normale avondmis gebruikelijk is. Fans, zullen we maar zeggen.
Na de mis wordt er thuis genoten van een uitgebreide Indische tafel, met veel gevoel gecomponeerd door Louise. Een culinair hoogstaand ‘laatste avondmaal’. Intussen lopen ook nog enkele belangstellende familieleden en vrienden naar binnen, waardoor het meer begint te lijken op een gezellig verjaardagsfeestje.
De tv staat wel aan – ja, tóch, want dat hoort zo bij de finale van de Champions League… vind ik – maar er wordt bepaald niet geboeid naar gekeken. Uitzonderingen bevestigen de regel. Als iedereen naar huis is, behalve Frans en Gerry, die blijven slapen, zet ik even dit bericht op de blog.
Hopelijk kunnen we onderweg vaak ergens een internetverbinding enteren om een nieuw bericht of etappeverslag op de blog te zetten en jullie reacties te lezen. Want daar verheugen we ons nu al op.
maandag 25 mei 2009
Hoe plaats je een ‘reactie’?
Het gaat zo.
- Klik op de (klein gedrukte) datum onder het bericht.
- Onder het lege venster wordt achter ‘Reageer als’ gevraagd een 'Profiel' te selecteren: kies dan voor ‘Naam/URL’*
- Vul je naam in en laat URL open, klik op ‘Doorgaan’
- Tik je boodschap in
- Sluit af met klikken op ‘Reactie plaatsen’.
* Je kunt ook kiezen voor Anoniem; maar dan komt dat rare woordje als afzender bij je reactie te staan. Of je zou het leuk moeten vinden...
Hoe dan ook, zo moet het lukken. Een kind kan de was doen… tenminste…
We zien uit naar jullie reacties. Die zijn onderweg heel stimulerend voor ons!!
zaterdag 23 mei 2009
Nog 4 dagen
Aan alles voel je dat het bijna zover is. Steeds meer vrienden en kennissen wensen me - “als ik je voor die tijd niet meer zie...” - een behouden tocht toe. “Bonne route” gaat dat vanaf donderdag heten; later in Spanje “Buen Camino”.
De lange termijnweersverwachtingen voor de eerste fietsdagen zien er werkelijk schitterend uit: zomerzon met noordoosten wind. Te mooi om waar te zijn! We worden naar Sint Jacob toe geblazen! Hoewel… toch maar even afwachten. Er is niets zo veranderlijk als het weer, zegt men wel eens…
Komende woensdag, aan de vooravond van ons vertrek, gaan we om 19.00 uur naar de avondmis in de dagkapel aan de Heigank, waarna we de pelgrimszegen krijgen van pastoor Terranea. Plús de eerste stempel op onze credential. Met z’n vieren – Gerry en Frans logeren bij ons – maken we er een gezellig afscheidsavondje van. Inclusief de finale van de Champions League uiteraard. En de volgende ochtend zal, na een stevig ontbijt, ergens tussen half negen en negen uur het startschot gelost worden. Het kriebelt me nu al aan alle kanten…
Maar voor het zover is eerst nog een diepgemeend woord van dank aan iedereen die ons op welke wijze dan ook een “Buen Camino” wenste, geld gaf om een kaars op te steken bij Sint Jacob, mij een klein engeltje in mijn hand drukte, zodat ik nergens alleen zou zijn, onze vliegreis terug boekte, allerlei andere noodzakelijke dingen voor ons regelde, ons de kans gaf om deze droom te verwezenlijken (dank je wel, schatten), kortom, allemaal dank. We zullen ons op onze weg gedragen voelen door jullie support!
dinsdag 12 mei 2009
Tussenbalans twee weken voor de start
De noodzakelijke materiële voorbereidingen liggen op schema. De fietsen, onze tweewielige pakezels, zijn in opperste conditie gebracht. Voor de ‘blog’ heb ik een ‘Netbook’ (een kleine laptop) aangeschaft, die in klein rugzakje wordt meegevoerd. De ‘credentials (de stempelkaarten – het lijkt de Elfstedentocht wel… –) liggen klaar, evenals een bisschoppelijke ‘geloofsbrief’, ondertekend door bisschop Frans Wiertz himself, die het mogelijk maakt ook af en toe eens in een klooster te overnachten.
Ook werd er uiteraard gewerkt aan een behoorlijke lichamelijke basisconditie. De prachtige aprilmaand was hierbij een waar geschenk van boven, waardoor heel wat kilometers gemaakt konden worden. Door vlakke gebieden (voor de souplesse) maar ook door de hoogste Limburgse heuvels, waarbij beklimmingen als Camerig, Vijlenerbos en Vaalserberg niet geschuwd werden. Wat ons qua klimmen na 28 mei te wachten staat is echter nog een ‘stukje’ langer en zwaarder. Maar we hebben er alle vertrouwen in. De eerste anderhalf duizend kilometers zitten al in de benen. Een geruststellende gedachte.

Tussen de bedrijven door vernam ik daags voor die rampzalige Koninginnedag dat het Hare Majesteit behaagd had mij in te lijven bij de Orde van Oranje Nassau. Als Lid. Een hogere titel kreeg ik jongstleden zondag na afloop van een ballonvaart. We stegen tot tweeduizend meter. “Vijfhonderd meter hoger dan de top van de Camino, het Cruz de Ferro”, dacht ik toen. Na de landing werden alle vaarders traditioneel in de adellijke stand verheven, in mijn geval tot Hertog van Sevenum tot Sterksel, en mijn gemalin tot Hertogin idem dito. Mijn beste zwager Frans zal me daarom noodgedwongen naar Sint Jacob moeten vergezellen als schildknaap… maar qua figuur lijkt hij in de verste verte niet op Sancho Panza.
dinsdag 14 april 2009
De Camino Francés
Santiago de Compostela (… hoe zou deze plaats geheten hebben vóórdat tijdens het bewind van Karel de Grote het graf van Jacobus ontdekt werd…?) ontwikkelde zich in vrij snel tempo tot een van de drukst bezochte pelgrimsplekken ter wereld.
Wij willen er ook naar toe. In het spoor van de vele miljoenen die ons voorgingen. Ze ondernamen hun reizen, geteisterd door de elementen en tal van andere ontberingen, immers niet voor niets. Of je gelooft of niet: er moet ‘iets’ zijn. Langs de hele weg, hetzij de Franse Chemin de Saint-Jacques, hetzij de Spaanse Camino Francés of de Camino de Santiago, zindert de geest, de gebalde energie, van twaalf eeuwen pelgrimage.
Overal langs die ‘melkweg’, uitgegroeid tot een kostbaar rijgsnoer van historie, legendes, kunst en religie, werden tijdens de middeleeuwen kerken en kloosters gebouwd, allemaal in de destijds gangbare romaanse bouwstijl. Donker en naar binnen gekeerd, om de afleidende obstakels van de profane wereld buiten te sluiten en de mens zo ongehinderd mogelijk nader te laten komen tot God. Met uit steen gehakte religieuze en Bijbelse taferelen, die door de analfabeten van die dagen ‘gelezen’ werden zoals wij dat tegenwoordig bijvoorbeeld doen met verkeersborden. Gecreëerd door nijvere ambachtslieden voor wie het geen ‘kunst’ was maar werkelijkheid, die met hun beitels in steen een verhaal kapten dat iedereen al lang kende, maar dat men toch altijd weer opnieuw wilde ‘lezen’.
Op meerdere plaatsen werden nieuwe wegen aangelegd en kapotte hersteld, bruggen geslagen over de in natte perioden vervaarlijk kolkende rio’s, belangeloos, door toegewijde monniken die er hun heiligheid mee verwierven, zoals Santo Dominga de la Cálzada en San Juan de Ortega. Hun namen werden verbonden aan hun woonplaatsen langs de Camino, waar de pelgrims voor eeuwig aan hun werken worden herinnerd. Dat hééft wat. Hier hángt wat. Als een precieuze wolk van religieuze, spirituele en culturele rijkdom van eeuwen. Herinneringen in steen en welluidende woorden; ze vereeuwigen ook die haast onvoorstelbare, gepassioneerde vroomheid, die de hele christenheid, pelgrims zowel als avonturiers en romantici, vele eeuwen over de Camino of Cálzada naar Jacobus dreef, in die verre, natte, verwaaide Galicische uithoek. Een - al dan niet - devoot op weg zijnde bevlogen massa. De sporen van de legende volgend werden ze zelf ook een legende. Ook wij zullen hiervan deel gaan uitmaken voor ons nageslacht, voor allen die met ons Desoxyribo Nucleic Acid of DNA nu en in de verre toekomst de wereld bevolken.
Camino…
landschappen, kerken, kerken, landschappen…
bergen, de Meseta, bergen, heuvels...
grote borden tellen de kilometers af,
het getal achter Santiago wordt steeds kleiner.
maandag 13 april 2009
En la pista de millones a Campos Stellae…
Oloron Ste.-Marie was de laatste overnachting-plaats voor Lourdes. In de kathedraal hangt een grote landkaart van Europa vol met gekleurde kopspelden. Alle pelgrims, die dit kruispunt van pelgrimswegen passeren, worden verzocht met zo’n kopspeld hun woonplaats aan te geven. In een oogopslag zie je dat uit alle uithoeken van Europa de lange pelgrimage naar Santiago de Compostela ondernomen wordt: Finland, Bulgarije, Rusland, zelfs vanuit Siberië!
We wisten dat we ooit nog eens op dit kruispunt terug zouden keren. John wilde ‘Santiago’ ooit nog eens te voet gaan doen, alleen. En ik op de fiets, dus ook alleen. Gezondheidsproblemen stonden de tijd daarna het realiseren van deze droom echter in de weg. Ik begon me met het klimmen der jaren steeds meer te verzoenen met het feit dat dit niet meer voor me weggelegd zou zijn. In mijn eentje deze lange tocht ondernemen… nee, dat was te riskant.
Toen mijn zwager Frans, een ware fietsfanaat, een half jaar na mij ook met prépensioen ging en net als ik oceanen van vrijheid voor zich zag, was de zaak snel beklonken. Immers, je moet er alles aan doen om te voorkomen dat je, als je later oud en ‘der dagen zat’ bent, spijt gaat krijgen van onverwezenlijkte dromen die ondanks alles toch ooit eens binnen je mogelijkheden lagen.
Ook ditmaal volgen we een van de Jacobswegen door Frankrijk. Maar nu de eeuwenoude route via Vezelay, de Via Lemovicense, dwars door het Massif Central, een rijgsnoer van vele klimmen. Maar bij pelgrimeren hoort nu eenmaal het ‘jezelf tegenkomen’, de ontberingen, en beproevingen, én de loutering. Dat ik dit alles nog mag doen in het jaar voordat ik AOW’er wordt, vervult me met een gevoel van dankbaarheid.Op weg naar Campos Stellae, letterlijk het 'Veld van de Sterren', de melkweg, die volgens de oude legende de kluizenaar Pelayo ooit leidde naar het vergeten graf van Jacobus de Meerdere, speelt echter ook Maria, de moeder van Jezus, van wie Jacobus in zijn leven apostel was, een grote rol. Nauwelijks 40 kilometer van huis maken we al een eerste omweg naar de abdij van Val-Dieu om daar een kaars op te steken en Onze Moeder van Altijddurende Bijstand te vragen voor bescherming tijdens de weken van onze lange tocht.
In Nevers (foto) willen we het graf van Bernadette van Lourdes bezoeken, om later weer een nieuwe omweg te maken via Lourdes. Na elf jaar zal ik er weer terugkomen. En vervolgens ook weer in Oloron-Ste.-Marie, waar we onze kopspeld op de grote landkaart zullen prikken. Van daaruit gaat het dan richting St.-Jean-Pied-de-Port, waarna we over de Pyreneeën-pas Alto de Ibañeta Spanje zullen binnenrijden om via de Camino Francés onze tocht naar Sint Jacob (dit is Nederlands voor Sant-Yago cq. Santiago) voort te zetten.Vandaar de titel van dit verslag. 'En la pista de millones a Campos Stellae' of gewoon ‘In de sporen van miljoenen naar Compostela’.